budgetmethode

Budgetteermethoden voor iedereen – zelfs als je niet van budgetteren houdt…

Budgetteren is de beste bespaartip die er is. Dat kan ik niet vaak genoeg benadrukken. Toch kan niet iedereen daar evenveel mee. Dat komt ook wel een beetje omdat het vaak heel rigide wordt voorgesteld. Niet door mij natuurlijk, haha. Ok, misschien wel.

Iedereen is anders, en dat geldt natuurlijk ook voor hoe mensen het beste met hun geldzaken om kunnen gaan. Zo kan ik heel slecht omgaan met de veel geadviseerde manier van met cash geld betalen. Voor veel mensen werkt dit heel goed. Maar voor mij is het de manier om van mijn geld af te komen.

Zodra ik cash geld heb, brandt het in mijn zak. Dat moet ik er eigenlijk altijd zo snel mogelijk uithalen, anders is het weg. Er is namelijk altijd wel een boek, reep chocola, kopje thee of wat je maar kunt bedenken dat ik toch echt wel verdiend heb op dat moment.

Budgetteren werkt voor iedereen anders

Zelf vind ik het prettig om een budget per post te maken. In hoe meer stukjes ik mijn geld hak, hoe meer ik overhoud. Dat geldt voor veel mensen, schaarste maakt zuinig is het idee daarachter. Maar sommige mensen worden daar juist heel onrustig van en geven dan meer uit.

Gelukkig zijn er meer succesvolle manieren van budgetteren. Zolang je op een of andere manier je uitgaven bij houdt, en je niet meer uitgeeft dan je hebt, kun je het eigenlijk niet fout doen. Zeker als de traditionele manier van een budget-per-post je de kriebels geeft, dan zijn er gelukkig nog genoeg andere methoden die ook kunnen leiden tot dezelfde besparing.

Methode 1: De meest gebruikte manier – budgetteren per post

Eerst nog even de meest gebruikte manier: budgetteren per post. Je verdeelt je inkomsten over een aantal posten, verdeeld over vaste lasten, variabele lasten en spaargeld. Vervolgens probeer je op elk onderdeel niet meer uit te geven dan je gestelde maximum.

Afhankelijk van hoe streng je bent voor jezelf mag je wel of niet van de andere posten lenen. Je mag in ieder geval niet meer lenen van de periode erna. Als je overhoudt van de periode ervoor, mag je dit wel gebruiken.

Wanneer kies je deze methode?

Deze methode is vooral handig als je net begint met budgetteren. En als je – net als ik – dol bent op excelletjes en tabelletjes en zo.

Als je echter niet zo blij wordt van op twee cijfers achter de komma je geld bijhouden… dan is dit waarschijnlijk niet jouw methode. Als je echter altijd teveel geld uitgeeft, of geen idee hebt waar je geld blijft, dan adviseer ik altijd wel om dit een tijdje te doen. Je kunt het houden bij maar een paar categorieën en gewoon met pen en papier beginnen. Zodra je dan wat meer gevoel hebt bij hoe het gaat, stap je over naar een van de andere methoden.

Wil je weten hoe je makkelijk en snel een budget maakt? Lees Hoe begin je met budgetteren (als je er niets van bakt)

Methode 2 – Proportioneel budgetteren

Een tweede manier is dat je vooraf bepaalt hoeveel procent van je inkomen je uit mag geven aan verschillende onderdelen. Zo kun je bijvoorbeeld bepalen dat je 40% uitgeeft aan vaste lasten en 40% mag uitgeven aan variabele lasten en wat je verder maar wil en de laatste 20% spaart.

Van elke euro die binnen komt, gaat 40 cent naar je vaste lasten, 40 cent in je portemonnee en 20 cent naar je spaarrekening. Hierbij geldt, net als bij de andere methode: op is op.

Je hoeft niet per se bij te houden wat je waaraan uit geeft, zolang je maar weet dat het niet meer dan 40% is van je inkomen.

Die percentages kun je aanpassen natuurlijk, naar behoefte (en vooral naar de hoogte van je vaste lasten natuurlijk – die gaan altijd door per slot van rekening).

Wanneer kies je deze methode?

Deze methode is vooral handig als je al een buffer hebt. Als je dan een keer over je budget gaat, is dat niet zo erg. De maand erna schroef je je spaarpercentage iets op, en het probleem is weer opgelost.



Methode 3: betaal jezelf eerst

Deze methode lijkt op de vorige, maar hierbij focus je vooral op je spaargeld. Eerst bepaal je wat je kunt sparen deze maand, en dat maak je over naar je spaarrekening. De rest gebruik je om je vaste en variabele lasten mee te betalen. Hoe je het verder uitgeeft, maakt niet uit, zolang je je spaarrekening maar in tact houdt.

Om te weten hoeveel je kunt sparen, bereken je eerst hoeveel je gemiddeld uitgeeft per maand. Het is handig om daarbij naar de laatste 3 maanden te kijken. Dat haal je af van je inkomen en de rest spaar je dus.

Als je nu altijd chronisch teveel uitgeeft, is dit geen handige methode. Dan moet je per slot van rekening ergens gedurende de maand weer teruggrijpen naar je spaarrekening. Zodra je een beetje weet hoeveel geld je overal aan uitgeeft – en zou mogen geven – kun je hiernaar overstappen.

Wanneer kies je deze methode?

Als je je uitgavenpatroon redelijk onder controle hebt, maar toch wat meer geld wil sparen. Door het geld vooraf weg te sluizen, houd je namelijk vaak automatisch al meer over.

Deze methode is ook de basis van mijn grote Spaarchallenge. Meer lezen hierover? Lees De grote SPAARchallenge – Doe je mee?

Methode 4: De enveloppenmethode

De enveloppenmethode lijkt sterkt op de budget-per-post-methode, maar is veel makkelijker. Vooraf bepaal je wat je uit mag geven aan de diverse posten. Dat geld pin je en stop je in een envelop. Vervolgens mag je niet meer uitgeven aan elke categorie dan in de envelop zit.

Of je bij houdt waar je het aan uitgeeft, mag je zelf bepalen. Maar feit blijft: op is op.

Als je geld over hebt aan het eind van de maand, kun je het sparen. Of extra uitgeven aan die categorie de maand erna.

Wanneer kies je deze methode?

Als je wel graag meer controle wil hebben over je geld, maar geen zin hebt om elk bedrag op te schrijven. Dit vergt overigens ook wel flink wat discipline, je moet verder ook echt je pinpas thuislaten.

Het geeft vaak wel veel inzicht om alleen cash te betalen omdat je je geld letterlijk minder ziet worden.


Methode 5: de budget-zonder-budget-methode

De laatste methode is eigenlijk geen methode maar meer een levenskeuze. Als je van jezelf al heel zuinig leeft en alleen geld uitgeeft aan zaken die jij belangrijk vindt. kun je geld uitgeven zonder vastgesteld budget. Bij deze methode probeer je namelijk overal zo min mogelijk geld aan uit te geven.

Als je al geld uitgeeft, is het aan iets waar jij echt achter staat. Omdat je verder zo zuinig leeft, kan je hier ook gewoon geld aan uitgeven zonder al teveel op het prijskaartje te letten.

Wanneer kies je deze methode?

Dit is een methode voor de doorgewinterde bespaarder: het type mens dat sowieso niet gauw geld uitgeeft. Zolang je nog moeite hebt met je in te houden in winkels en toch nog vaak onnodig geld uitgeeft, is dit niet iets voor jou.

In deze fase ben ik ook nog niet beland vrees ik.

Budgetteren helpt altijd

Welke methode je ook kiest, zolang het je bewust maakt van hoeveel geld je binnen krijgt en hoeveel je uitgeeft, werkt het. De een vindt het prettig om alles nauwkeurig bij te houden, de ander wordt daar helemaal gek van. Hoe jij ook in elkaar zit: als je wil besparen zal je echt een vorm van budgetteren moeten kiezen. Gelukkig zijn er meerdere wegen naar Rome, ook op dit gebied.

Welke methode vind jij het prettigst? Schrijf jij alles het liefst op? Of vind je het prettig om wat meer speling te hebben? Ik ben benieuwd!

Je financiën onder controle krijgen?

Wil jij ook beter met je geld om leren gaan? Geef je dan op voor mijn programma Je financiën op orde.

Be the first to comment

Geef een reactie