Je uitgaven goed verdeeld

Meestal als ik in gezelschap over een budget begin, krijg ik van die minzame blikken toegeworpen. Ok, dat doe ik waarschijnlijk ook veel te vaak, en duidelijk niet altijd op het goede moment. Ik vind het alleen zo leuk om over te praten. Het kan zoveel opleveren! Meer geld, minder stress… (Hm, waar hebben we dat eerder gelezen). Nou ja, in ieder geval: ik vind het heel leuk om er mee bezig te zijn. En na het lezen van deze derde blog uit de serie Budgetteren kun je leren, jij hopelijk ook een beetje!

Als dit de eerste blog is die je leest op deze site, klik dan nog even terug naar deel 1 (over wat er binnen komt) en deel 2 (waar geef je je geld aan uit).  In deze blog ga ik dieper in op het kiezen van je kostenposten: oftewel welke uitgaven horen bij elkaar.

Wat je zou kunnen doen
Als je begint met het maken van een budget, is het behoorlijk lastig om in te schatten welke uitgaven bij elkaar horen. Je kunt het heel grof doen: vaste lasten (alles wat er automatisch af gaat) en de rest (wat dan vertaald kan worden als “alles wat ik op kan maken”). Het is een methode. 🙂

Het Nibud maakt onderscheid in drie groepen:

  • Vaste lasten (daar zijn ze weer)
  • Reserveringsuitgaven (grote uitgaven die je niet regelmatig doet, maar die wel moeten)
  • Huishoudelijke uitgaven (kleinere uitgaven die je wel regelmatig doet, zoals boodschappen, kapper en cadeautjes).

Als je dan doorklikt op de jaarbegroting, krijg je een wirwar aan subcategorieën, variërend van uitvaartverzekering tot wegenbelasting bij vaste lasten, kleding en overig bij reserveringsuitgaven, en schoonmaakmiddelen bij huishoudelijke uitgaven. Mocht je dit nou handig vinden, dan ben je snel klaar. Even die excel van mijn vorige blog downloaden en invullen maar.

Je eigen indeling
Ik vind het altijd belangrijk dat je categorieën kiest die je zelf snapt en die je echt gebruikt. Zo hebben wij bijvoorbeeld een categorie die “Fun” het. Daaronder stoppen we alle uitgaven die te maken hebben met leuke dingen doen en kopen. Nieuwe boeken, uitstapjes, uit eten en ons abonnement op de Flow horen daar allemaal bij. Is dat nou logisch? Misschien niet. Maar voor ons werkt het prima. En dat is precies het idee.

Boodschappen is een algemene categorie die iedereen wel kan gebruiken. Voor ons zijn dat alle dingen die we bij de supermarkt en drogist kopen. Dat heeft vooral een praktische reden: ik zie er zelf niet helemaal de toegevoegde waarde van in om mijn bonnetjes elke keer te gaan splitsen, als ik een keer tandpasta bij de Jumbo heb gekocht of als ik juist een keer chocola bij de Etos heb afgerekend. Overigens doe ik dat wel als ik een doos lego bij de Kruidvat haal, die hoort echt niet bij boodschappen (hoewel mijn zoon daar heel anders over denkt).

Een ander voorbeeld van een van onze eigen categorieën is “kinderen” (niet te verwarren met “kinderopvang” en “sparen kinderen”. Ik vind het niet nodig om op detailniveau te weten hoeveel geld ik heb uitgegeven aan kinderkleding en zwemles, terwijl ik dat wel wil kunnen terugzien van de kosten aan kinderopvang (om makkelijk te kunnen zien of we genoeg toeslag hebben gekregen).

Waar het om gaat is, dat je kiest voor categorieën die je zelf logisch vindt, en die je ook wil monitoren.

Flexibel zijn mag
Budgetteren is alleen leuk als je niet te streng voor jezelf bent, heb ik gemerkt. Als je heel streng vast houdt aan wat je aan het begin van het jaar bedacht had, is het wel heel erg lastig om het goed te blijven doen. Je weet nooit wat er gaat gebeuren, en het is zonde om onverwachte gebeurtenissen als excuus te gebruiken om te stoppen met je budget. En zeker bij onverwachte rekeningen (verplicht eigen risico, bekeuring, verhoging van premies van het een of ander) moet je het toch betalen. En natuurlijk ook als je iets koopt waar je eigenlijk geen geld voor had, kun je net doen alsof het niet zo was. Maar je kunt beter wat geld overhevelen uit een andere categorie en dan daar verder op bezuinigen. Dan ga je toch niet over je totaalbudget heen. En dat is natuurlijk het uiteindelijke doel van budgetteren. Hoe je je geld exact uitgeeft, maakt niet uit, zolang je maar niet meer uitgeeft dan je hebt.

Suggesties voor uitgaven
In mijn eerste blog gaf ik al een voorbeeldlijstje van mogelijke categorieën. Ik maak eigenlijk geen onderscheid in vaste en variabele lasten, aangezien veel “vaste” lasten vaak niet constant zijn. Ze komen wel elke maand terug, maar de bedragen van bijvoorbeeld je telefoonrekening kunnen behoorlijk verschillen per maand. Hierbij een wat uitgebreidere toelichting van mijn categorieën:

  • Uitgaven
    • Woonkosten
      • hypotheek: premies en rente
      • huisverzekeringen: inboedel, opstal, etc. Wij hebben een pakketverzekering, inclusief rechtsbijstand, en reisverzekering, dus die valt er bij mij ook onder.
      • belastingen: gemeentebelasting, regionale belasting en eventueel ook terugbetaling van teveel ontvangen belasting van vorig jaar (omdat de voorlopige teruggave niet altijd helemaal klopt)
      • Energie en water
      • Internet, televisie en telefoonkosten
      • Overige huis en tuin-kosten:
        • vervanging en reparatie van witgoed
        • decoratie van huis en tuin (bloemen en plantjes, nieuwe lamp of vloerkleed, etc.)
    • Boodschappen: boodschappen, inclusief wasmiddelen en persoonlijke verzorgingsartikelen
    •  Vervoerskosten:
      • autokosten: autoverzekering, benzine, autowassen, etc.
      • Overig: OV-chipkaarten, huur fietsenstalling, etc.
    • Zorgkosten:
      • ziektekostenverzekering
      • Eigen risico
      • Medicijnen (inclusief hoestdrank etc. die we bij de drogist halen)
    • Abonnementen en contributies:
      • tijdschriften
      • sportverenigingen: ik reken die van mijn kinderen hier zelf niet bij, maar dat is natuurlijk heel persoonlijk.
    • Kinderkosten:
      • kinderopvang
      • sparen voor later
      • Overige kinderkosten: ik reken hier alles wat we verder aan onze kinderen besteden, zoals kleding en schoenen, maar bijvoorbeeld ook zwemles, contributie voor de voetbalvereniging en kosten voor de kinderfeestjes. Cadeautjes dan weer niet, dus heel erg logisch is het niet.
    • Fun: hobby’s, uitstapjes, uit eten, dingen die we voor ons gezin kopen ter vermaak (spelletjes, voorleesboeken, etc.)
    • Overige kosten:
      • Cadeaus
      • Overige kosten
  • Sparen (hier schrijf ik binnenkort een aparte blog over):
    • Reserveringen: bedragen die we apart zetten die we sowieso uit moeten geven. We betalen bijvoorbeeld onze ziektekostenverzekering op jaarbasis, en sparen daar elke maand een deel van. Aan het eind van het jaar maken we het in 1 keer over. Andere reserveringen zijn bijvoorbeeld een bedrag voor afschrijving van de auto en een bedrag voor groot onderhoud
    • Spaardoelen: geld voor vakanties en andere leuke dingen.

Wat je mogelijk mist, zijn persoonlijke kosten, zoals de kapper, mobiele telefoon etc. Dat komt omdat die we allebei zelf betalen en niet via de gezamenlijke rekening laten gaan. Die neem ik daarom in deze lijst niet mee.

Zoals gezegd, dit is mijn eigen voorbeeld. Je kunt het zo uitgebreid maken als je wilt (zoals in mijn voorbeeld), maar natuurlijk ook heel beknopt. Mocht je inspiratie nodig hebben: er zijn online nog genoeg voorbeelden te vinden. Veel succes!

This Article Has 1 Comment

Geef een reactie